APA Verwijzen in de tekst

Verwijzen naar bronnen in de tekst volgens APA

Je hebt je literatuur verzameld en begint met schrijven. Hoe zat het nu met de APA-regels? Punten, komma’s, namen met tussenvoegsels en initialen? Een trucje is om in je studieboeken of artikelen te kijken hoe zij verwijzen, maar APA wordt niet in elk boek en door elk tijdschrift tot op de letter (of komma) aangehouden. Daarom hier een uitleg hoe te verwijzen in de tekst.

Wanneer verwijs je?

Het is belangrijk om te bedenken dat je altijd verwijst als je je ergens op baseert. Geen verwijzing betekent dat het jouw eigen werk is. In principe is het plagiaat wanneer je niet verwijst terwijl je je wel op een bron baseert. Je verwijst dus naar literatuur in de inleiding en discussie, maar eventueel ook in de methode en resultaten wanneer je bijvoorbeeld een afbeelding overneemt, zoals een tabel of figuur, of wanneer je naar een bestaande vragenlijst verwijst.

Manieren van verwijzen

Je kunt op twee verschillende manieren verwijzen. Je kunt een letterlijk citaat geven van een bron of je kunt het parafraseren: in eigen woorden beschrijven. Het één heeft niet zozeer de voorkeur boven het ander. Het belangrijkste is dat je parafrase of citaat jouw tekst ondersteunt, maar niet vervangt.

Letterlijk citaat

Een letterlijk citaat staat niet cursief (behalve dat wat de auteur zelf cursief heeft gezet) en is onbewerkt, dus ook niet vertaald. Je mag wel een hoofdletter aan het begin van je citaat zetten wanneer je niet vanaf het eerste woord van de zin citeert.

  • Als het citaat minder dan 40 woorden beslaat, zet je het tussen aanhalingstekens en de verwijzing voor de punt, bijvoorbeeld:

 

“Wanneer in je databestand extreme waarden voorkomen, de zogenoemde uitbijters, is het verstandig die in je analyse buiten beschouwing te laten, deze kunnen je resultaten namelijk erg vertekenen (Baarda, 2009, p. 116).

  • Als het citaat 40 woorden of meer beslaat, staat het niet tussen aanhalingstekens, maar in een ingesprongen blok en staat de verwijzing na de laatste punt, bijvoorbeeld:

Het operationaliseren is een proces waar je goed over na moet denken. Het dwingt je ook, om jezelf de vraag te stellen of je alle dimensies van een begrip wilt meten of dat je je beperkt tot één of een aantal dimensies. (Baarda, 2009, p. 70)

Overigens mag je in beide gevallen ook vooraf verwijzen naar de bron, bijvoorbeeld:

Baarda (2009, p. 76) zegt hierover: “Doordat de kwalitatieve onderzoeker vaak dichter bij de werkelijkheid blijft dan de kwantitatieve onderzoeker is wat de ecologische validiteitvan onderzoek wordt genoemd, bij kwalitatief onderzoek vaak groter.”

Bij een letterlijk citaat noem je ook het paginanummer, tenzij dat niet van toepassing is, zoals bij een website.

Parafrase

Een parafrase is een stuk tekst waarvan je de inhoud ergens vandaan haalt, maar je zet het in je eigen woorden (maar natuurlijk wel met wetenschappelijk taalgebruik). Dit staat dus niet tussen haakjes. Bijvoorbeeld:

Volgens Baarda (2009) ligt bij kwalitatief onderzoek het gevaar van subjectiviteit op de loer.

Of

Bij kwalitatief onderzoek ligt het gevaar van subjectiviteit op de loer (Baarda, 2009).

Waar staat de verwijzing naar de bron?

Je mag zelf bepalen of je aan het begin of aan het einde van een citaat of parafrase verwijst, of zelfs halverwege een zin, zolang maar duidelijk is welke tekst bij welke bronvermelding hoort. Het is bij langere parafrases niet altijd direct duidelijk waar deze begint en eindigt, dus dan is het logisch om aan het begin te verwijzen.

Wanneer na een bronvermelding één of meerdere andere bronnen worden aangehaald en vervolgens nogmaals naar de eerdere bron wordt verwezen, verwijs je opnieuw naar eerste bron volgens APA. 

 

Hoe ziet een verwijzing eruit?

Auteurs en jaartal

De verwijzing in de tekst bevat in principe altijd de auteurs en het jaartal. De volgorde van de auteurs is bepaald bij de publicatie, je houdt dezelfde volgorde aan. Bij de verwijzing in de tekst noem je ook tussenvoegsels, waarbij je het eerste tussenvoegsel met een hoofdletter schrijft. Initialen laat je achterwege. Bij een tweede of verdere verwijzing naar dezelfde bron noem je alleen de eerste auteur gevolgd door “et al.”. Bij zes of meer auteurs doe je dat vanaf de eerste verwijzing.

Eerste verwijzing:

(Baarda, Bakker, Julsing, Fischer, & Van Vianen, 2017)

Tweede en verdere verwijzingen:

(Baarda et al., 2017)

 

Tussen haakjes

Je kunt tussen haakjes of in de lopende tekst verwijzen. Tussen haakjes gebruik je bij twee auteurs geen komma, alleen een &-teken, bij drie of meer auteurs zowel een komma tussen elke auteur en ook het &-teken voor de laatste auteur.

(Baarda, Bakker, Julsing, Fischer, & Van Vianen, 2017)

In de lopende tekst

Wanneer je in de lopende tekst verwijst, vermeld je de auteurs zonder het &-teken, maar als een normale opsomming. Het jaartal en de pagina(‘s) staan tussen haakjes op dezelfde manier als wanneer de hele verwijzing tussen haakjes staat.

Volgens Baarda, Bakker, Julsing, Fischer en Van Vianen (2017) …

 

Paginanummers

In het geval van een citaat, waarbij je verwijst naar iets op één pagina, dan zet je na het jaartal een komma, spatie, “p.” spatie en dan het paginanummer.

(Den Blauwen, 2018, p. 45)

Wanneer je naar meerdere pagina’s verwijst, gebruik je “pp.” en een streepje tussen de paginanummers, bijvoorbeeld:

(Den Blauwen, 2018, pp. 45-47)

of

Den Blauwen (2018, pp. 45-47) stelt dat…

Meerdere verwijzingen direct achter elkaar

Soms heb je meerdere bronnen die hetzelfde stuk tekst ondersteunen. Je zet dan alle verwijzingen, gescheiden door “;” samen tussen twee haakjes. Het alfabet bepaalt de volgorde (zonder tussenvoegsels).

(Van de Berg, Smit, & De Wit, 2016; Den Blauwen, 2018, p. 45)

Tip

  • Download gratis de Nederlandse handleiding APA https://www.auteursrechten.nl/apa-richtlijnen
  • Lees hier verder voor uitzonderingen bij bronvermeldingen in de tekst, zoals wanneer de auteur of het jaartal niet bekend zijn of wanneer je naar een website verwijst.
  • Lees hier ook over het toepassen van de APA-regels in de literatuurlijst en hier over het opmaken van figureren en tabellen volgens APA.

APA-uitzonderingen

Uitzonderingen verwijzingen in de tekst volgens AP

In deze blog kon je lezen hoe je normaliter naar bronnen verwijst in de tekst. Maar soms loop je dan alsnog vast. Er ontbreken gegevens of twee auteurs hebben dezelfde achternaam, bijvoorbeeld. Geen nood, ook voor de uitzonderingen zijn regels.

 

Er ontbreken gegevens

 

Het jaartal ontbreekt

Wanneer het jaartal van publicatie onbekend is, schrijf je “z.d.” (zonder datum).

 

De auteur is onbekend

Als de auteur onbekend is, maar de verantwoordelijke organisatie wel bekend is, dan vermeld je die als auteur. Mocht je vaker dan eens naar deze bron verwijzen, dan kan je de afkorting die de organisatie zelf hanteert tussen haakjes toevoegen bij de eerste vermelding. Daarna kan je dan de afkorting gebruiken. Haakjes binnen ronde haakjes worden rechte haakjes [ ].

Voorbeelden

Eenmaal verwijzen

(American Psychiatric Association, 2013)

Meermaals verwijzen, eerste keer

(American Psychiatric Association [APA], 2013)

Vervolgverwijzing

(APA, 2013)

 

Overigens mag je de naam van een website niet als auteur opvoeren. Is er ook geen organisatie bekend, dan schrijf je de titel van het artikel cursief op de plek van de auteur.

Voorbeeld

(Studenten drinken steeds meer, 2017)

 

Mocht je naar een hele website willen verwijzen, dan kan dat wel gewoon in de tekst met een hyperlink. Deze verwijzing hoeft niet ook nog opgenomen te worden in de bronnenlijst.

Voorbeeld

Op de website van het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (https://www.nibud.nl) kunnen consumenten informatie en adviezen vinden over het opstellen van een budget.

 

Als de auteur onbekend is en het niet zozeer een artikel is, waar je naar verwijst, maar bijvoorbeeld een begrip in een online woordenboek of encyclopedie, dan zet je het begrip tussen aanhalingstekens op de plek van de auteur.

Voorbeeld

(“Autisme”, z.d.)

 

Verwijzen naar een verwijzing

Als je in een bron een verwijzing ziet staan naar een relevante bron, maar het lukt niet om de originele bron te bemachtigen, dan kan je verwijzen naar een bron in een andere bron. Bij een citaat voeg je toe “geciteerd in”, bij een parafrase alleen “in”. Probeer zoveel mogelijk de originele bron te lezen en daar direct naar te verwijzen.

Citaat

“Kinderen hebben ruimte nodig om te exploreren” (Kleintjes, 1974, geciteerd in Duren, 2019, p. 7).

Of

Kleintjes zegt: “Kinderen hebben ruimte nodig om te exploreren” (1974, geciteerd in Duren, 2019, p. 7).

Parafrase

Kinderen zouden ruimte moeten krijgen om te ontdekken (Kleintjes, 1974, in Duren, 2019, p. 7).

Of

Volgens Kleintjes hebben kinderen ruimte nodig om te kunnen ontdekken (1974, in Duren, 2019, p. 7).

 

Dezelfde auteur / achternaam / jaartal

Als je verwijst naar twee bronnen van dezelfde auteur, gepubliceerd in hetzelfde jaartal, dan komt er een a en een b achter de jaartallen. De volgorde hangt af van het eerste woord van de titel (zonder lidwoorden). In de literatuurlijst worden deze a en b natuurlijk ook toegevoegd. Dit geldt ook bij dezelfde auteur en er is geen jaartal bekend (z.d.).

Voorbeeld

(Sharp, 2016a)

(Sharp, 2016b)

 

Als je een stuk wilt onderbouwen met verwijzingen naar bronnen van dezelfde auteur van verschillende jaren, dan noem je eenmaal de auteur en som je daarna de jaartallen op.

Voorbeeld

(De Wit, 2009, 2011)

Als er meerdere auteurs zijn met dezelfde achternaam en hetzelfde jaartal, geef je de initialen weer om het onderscheid te laten zien.

Voorbeeld

(Boom, D., 2015)

(Boom, G., 2015)

Bij een vervolgverwijzing bij drie of meer auteurs noem je normaal gesproken alleen de eerste auteur, gevolgd door et al. Echter, als bij vervolgverwijzingen of bij artikelen met meer dan vijf auteurs het onderscheid met een ander gebruikt artikel wegvalt omdat de eerste auteur(s) gelijk is/zijn, noem je zoveel auteurs totdat het onderscheid duidelijk is.

Bijvoorbeeld, je verwijst naar deze bronnen:

(Wit, Bruin, Zwart, & De Rode, 2014)

(Wit, Bruin, Zwart, & Waal, 2014)

Beide zouden worden: (Wit et al., 2014). Dat is niet duidelijk, dus in dit geval noem je bij beide artikelen alle auteurs bij vervolgverwijzingen.

 

Geredigeerd boek

Het komt bij studieboeken nog wel eens voor dat het boek geredigeerd is, maar dat de afzonderlijke hoofdstukken telkens een andere auteur hebben. Wanneer je naar het hele boek verwijst, of naar meerdere hoofdstukken uit het boek, noem je de redacteuren als auteur. Als je enkel naar een hoofdstuk verwijst, dan verwijs je naar de auteur van dat hoofdstuk (let op dat je in de literatuurlijst dan ook naar dat hoofdstuk verwijst).

Afbeelding uit een bron overgenomen

Wanneer je een afbeelding zoals een tabel of figuur uit een andere bron overneemt, verwijs je hiernaar, ook wanneer je de opmaak aanpast. Bij tabellen en figuren verwijs je als volgt:

  • Je verwijst in de tekst naar de tabel of figuur. Figuren en tabellen krijgen een nummer en die nummering loopt in het hele verslag door. Je hebt bijvoorbeeld figuur 1,2,3 en 4 en tabel 1 en 2.
  • Je verwijst onder de tabel of figuur naar de bron waar je hem vandaan hebt en je geeft het aan wanneer je de tabel of figuur hebt aangepast. Je doet dit op deze wijze in het geval van een boek:

Opmerking. Overgenomen (of: Aangepast overgenomen) uit Titel(p. x) door A. Auteur en B. Auteur, jaartal, PlaatsUitgave: Uitgeverij. Copyright copyrightjaartal, Copyrighthouder.

In het geval van een wetenschappelijk artikel:

 

Opmerking. Overgenomen (of: Aangepast overgenomen) uit “Titel” door A. Auteur en B. Auteur, jaartal, Journal, jaargang p. x, Copyright copyrightjaartal, Copyrighthouder.

In het geval van een website:

Overgenomen (of: Aangepast overgenomen, als de afbeelding bewerkt is) uit Titel webpaginavan A. Auteur en B. Auteur, jaartal, (http://www…). Copyright copyrightjaartal, Copyrighthouder.

 

  • Je verwijst in de bronnenlijst naar de bron zoals je naar alle bronnen verwijst, gewoon alfabetisch tussen andere boeken en artikelen.
  • Let op dat je de opmaak van tabellen en figuren ook volgens APA doet.

Voorbeeld

In tabel 2 is te zien dat …

 

Tabel 2

Indiceringsmethoden

[tabel]

Opmerking. Overgenomen (of: Aangepast overgenomen) uit Onderzoek doen! (p. 108) door T. Fischer en M. Julsing, 2014, Groningen: Noordhoff. Copyright 2014, Noordhoff Uitgevers.

Bronnenlijst

Fischer, T., & Julsing, M. (2014). Onderzoek doen!Kwantitatief en kwalitatief onderzoek (2e druk). Groningen: Noordhoff.

Persoonlijke communicatie

Als je je baseert op bronnen die niet openbaar en/of vertrouwelijk zijn, schrijf je na de auteur “persoonlijke communicatie” en vervolgens noem je waar mogelijk een exacte datum of anders een jaartal. Deze bron hoef je niet op te nemen in de literatuurlijst, tenzij één van de lezers wel toegang heeft tot de bron (bijvoorbeeld via een intranet). Dat gaat bijvoorbeeld over een gesprek met een opdrachtgever of bedrijfsdocumenten die niet openbaar zijn.

Voorbeeld

In gesprek met R. van de Graaf (persoonlijke communicatie, 2019)

Interviews die je doet als vooronderzoek, op basis waarvan je je probleemanalyse schrijft, kan je op deze manier weergeven. Naar interviews die je doet op basis waarvan je je resultaten schrijft, hoef je niet op deze manier te verwijzen. Daarvan beschrijf je in de methoden en resultaten precies hoe je dat hebt gedaan en wat eruit is gekomen en anonimiseer je de gegevens: het is dan juist de bedoeling dat de lezer niet terug kan vinden wie wat heeft gezegd.

Tip

  • Download gratis de Nederlandse handleiding APA https://www.auteursrechten.nl/apa-richtlijnen
  • Lees hier verder voor de algemene regels voor bronvermeldingen in de tekst, hettoepassen van de APA-regels in de literatuurlijst en het opmaken van figureren en tabellen volgens APA.

Literatuurlijst

Literatuurlijst volgens APA

Al je verzamelde literatuur moet natuurlijk goed terug te vinden zijn, daarom voeg je een literatuurlijst toe. Deze maak je op volgens de regels van de APA, maar het is niet vreemd als je verdwaald bent geraakt tussen de punten, komma’s, spaties of juist niet? Hier een beknopt overzicht.

Algemene regels

Stap 1.Naar welke bronnen verwijs je in de literatuurlijst?

Alle bronnen waar je in de tekst naast verwijst (behalve naar persoonlijke publicatie wanneer de lezers niet bij de oorspronkelijke bron kunnen komen) moeten in de literatuurlijst staan, ook bijvoorbeeld de herkomst van afbeeldingen. Andersom wordt er ook naar alle bronnen uit de literatuurlijst in de verwezen in de tekst.

Stap 2. Waar staat de literatuurlijst?

Aan het einde van je scriptie, maar voorafgaand aan de bijlagen.

Stap 3. Hoe is de literatuurlijst opgemaakt?

  1. De bronnenlijst is alfabetisch (zonder tussenvoegsels), ongeacht het soort bron. Daarbij geldt: niets gaat voor iets (bijv. ‘Van den Berg’ voor ‘Den Berge’). Bijvoorbeeld:

Van den Berg, B. (2015). Topscripties.Den Haag: Haagse Hogeschool.

Den Berge, S. (2014). Nu of nooit. Utrecht: Hogeschool Utrecht.

Duinkerke, V. (2017). Stappenplan afstuderen. Leiden: Universiteit Leiden.

  1. Bij publicatie van een boek of artikel hebben de auteurs een vaste volgorde, meestal niet alfabetisch, houd die dus aan. Bijvoorbeeld: Riet, W. en Punt, T. (2009).
  2. De verwijzing wordt opgebouwd uit losse onderdelen, zoals de auteurs, het jaartal, de titel etc. Elk onderdeel (behalve DOI-codes en URL’s) wordt afgesloten met een punt.
  3. De alinea’s worden ‘verkeerd om’ of ‘hangend’ opgemaakt: de tweede en verdere regels springen in (zie bij alineaopmaak bij je tekstverwerkingsprogramma).
  4. Je gebruikt geen opsommingstekens.

Stap 4. Voor elke soort publicatie zijn er net wat andere regels

Afhankelijk van het soort bron verschilt hoe je ernaar verwijst in de bronnenlijst. Zo staat bij een boek alleen de titel cursief gedrukt, bij een artikel is het juist het journal en de jaargang die cursief staan en niet de titel. Bij punt 6 wordt dit uitgebreid besproken.

Stap 5. Auteur en jaartal zijn wel altijd hetzelfde

Je begint altijd met auteur en jaartal: Tussenvoegsels Achternaam, Initialen (gescheiden door punten en spaties). Tussen de auteurs zet je een komma en daarnaast zet je ook een &-teken voor de laatste auteur. Dan een punt, en het jaartal van publicatie tussen haakjes en weer een punt, bijvoorbeeld:

Van Dongen, S., & Van Zanten, B. (2018). …

Groen, F. W., Wichelaar, R. T., & Laaren, N. (2016). …

De Vries, B. (2009). …

 

Tot en met zeven auteurs noem je ze allemaal, vanaf acht auteurs noem je de eerste zes, zet je drie puntjes gevolgd door de laatste auteur zonder het &-teken. Voorbeeld:

Trouw, B., Van Dongen, M., Tuitjes, B. E., Richter, A. C., Van Putten, V. Naaktgeboren, G., … Oosterbeek, B. M. (2014). …

Uitzonderingen

  1. Als de auteur niet bekend is, schrijf je op die plek de verantwoordelijke organisatie en anders de titel van de bron. Als de uitgever dan gelijk is aan de auteur, zet je op de plek van de uitgever “Auteur”. Bijvoorbeeld:

CBS (2010). Jaarboek Onderwijs in cijfers 2010. Den Haag: Auteur.

  1. Als het jaartal niet bekend is, schrijf je “z.d.” (zonder datum), tussen haakjes net als het jaartal. Bijvoorbeeld:

Turing, S. (z.d.). …

  1. Een ondertitel begint met een hoofdletter. Als de hoofdtitel niet eindigt op een leesteken (bijvoorbeeld vraagteken) dan komt er een dubbele punt tussen de hoofd- en ondertitel. Bijvoorbeeld:

Van der Hagen, W. (2019). Monopolies in de energiesector: Waar gaat het heen?Utrecht: Synaps.

 

 

Stap 6. Regels per soort publicatie

Boek

Auteur, A. B., Auteur, C. D., & Auteur, E. (jaar van uitgave). Titel boek. Plaats: Uitgever.

Voorbeeld:

Commissie-Hermans/Van Zijl (2010). Naar meer doelmatigheid in het mbo: Advies commissie kwalificeren en examineren.Den Haag: Stuurgroep Beroepsonderwijs Bedrijfsleven.

 

Uitzonderingen

  • Als het boek geen auteurs heeft, maar wel (eind) redacteurs, dan zet je dat tussen haakjes na de namen: (Red.) bij één redacteur, (Reds.) bij meerdere redacteurs, of (Eindred.).

Voorbeeld:

Redeker, G., & Rijskamp, Y. (Reds.). (2001). Technische verzorging van werkstukken. Groningen: RUG, Faculteit der Letteren, Afdeling Taal en Communicatie.

  • Als het niet de eerste druk betreft, noem je de druk achter de titel, niet cursief. Bijvoorbeeld: (2edruk) of (11egeheel herziene druk).

Wuite-Harmsma, H.E., & Braaksma, J. (Reds.). (1995). Methodisch literatuur zoeken(2e editie). Enschede: Universiteitsbibliotheek.

Hoofdstuk uit een boek

Auteur, A. (jaar van uitgave). Titel van hoofdstuk. In A. Redacteur (Red.), Titel van het boek(pp. xx-xx). Plaats: Uitgever.

Bijvoorbeeld:

Bronneman-Helmers, R. (2008b). Bestuurlijke drukte rond onderwijs en jeugd. In: S. Rutten en A.L. van der Vegt (red.), Gelijk en ongelijk in het onderwijs: Beschouwingen bij het afscheid van Jo Kloprogge als directeur van Sardes.Utrecht: Sardes.

  • Je verwijst in de literatuurlijst naar een hoofdstuk uit een boek als de auteur of redacteur van dat hoofdstuk anders is dan van het hele boek. Anders verwijs je naar het hele boek.
  • De initialen van de redacteurs van het boek komen voorafgaand aan de achternaam.
  • De druk wordt voor de paginanummers genoemd, gescheiden door een komma.

Artikel in een tijdschrift

Auteur, A. (jaar van uitgave). Titel van het artikel. Naam Tijdschrift, jaargang(nummer), eerste paginanummer-laatste paginanummer. Geraadpleegd op datum, van http://url of DOI

Voorbeelden

Van Ouwerkerk, D., & Van der Grinten, J. (2004). De kracht van zacht: Wat mannen over vrouwelijke vergaderstijlen kunnen leren. Interne Communicatie, 3(4), 11-13.

Kaplan Akilli, G. (2005). User satisfaction evaluation of an educational website. The Turkish Online Journal of Educational Technology, 4,85-92. Geraadpleegd op 18 maart 2015, van http://www.tojet.net/articles/v4i1/4111.pdf

Herbst, D. M., Griffith, N. R., & Slama, K. M. (2014). Rodeo Cowboys: Conforming to masculine norms and help-seeking behaviors for depression. Journal of Rural Mental Health, 38, 20-35. doi:10.1037/rmh0000008

 

  • De belangrijkste woorden uit de titel van het tijdschrift worden met hoofdletters geschreven.
  • Bij (uitsluitend) online tijdschriftartikelen wordt de link en datum van raadplegen toegevoegd
  • Het afleveringsnummer tussen haakjes wordt alleen genoemd als iedere aflevering van het tijdschrift met pagina 1 begint.
  • Indien de DOI (Digital Object Identifier) bekend is, wordt de datum van downloaden en de link vervangen door deze code. Dit is een unieke code waarmee het artikel altijd terug te vinden is. De DOI is meestal terug te vinden aan het begin van het artikel en/of op de pagina van de uitgever. Achter de DOI komt geen afsluitende punt. Voorbeeld: doi:10.1037/rmh0000008 of https://doi.org/10.1037/rmh0000008

Webpagina

Als je naar een website in het geheel wilt verwijzen, doe je dat het beste in de tekst. Het hoeft dan niet meer opgenomen te worden in de literatuurlijst.

Voorbeeld

Als je een bedrijf wilt starten dan vind je op de website van de Kamer van Koophandel (www.kvk.nl) veel bruikbare informatie.

Maar als je niet naar de gehele website verwijst, doe je dat als volgt via APA:

Auteur, A. (jaar, dag maand). Titel webpagina. Geraadpleegd op dag maand jaar, van http://www

Voorbeeld

Wokke, A. (2018, 22 februari). NOS wil onderzoek doen naar politieke Facebook-ads via browserextensie.Geraadpleegd op 12 april 2018, van https://tweakers.net/nieuws/135535/nos-wil-onderzoek-doen-naar-politieke-facebook-ads-via-browserextensie.html

Krantenartikel

Auteur, A. (jaar, dag maand). Titel van het artikel.Naam krant, p. paginanummer.

Voorbeeld

Kennedy, J. C. (2006, 29 april). Geen allahu akbar, wel anders eten: Nederland worstelt met diversiteit en gelijkwaardigheid. NRC Handelsblad: Opinie & Debat, p. 13.

 

Tips

  • Download gratis de Nederlandse handleiding APA https://www.auteursrechten.nl/apa-richtlijnen. Hier staan nog allerlei voorbeelden en uitzonderingen beschreven.
  • Lees hier verder voorhet toepassen van de APA-regels in de tekst, uitzonderingen bij bronvermeldingen in de tekst, en het opmaken van figureren en tabellen volgens APA.